De spiritualiteit van de ingenieur
Voor mijn studieverlof was ik aan het begin van de maand juli een week in Nijmegen. Aan het Titus Brandsma Instituut volgde ik de cursus Mystiek. Dit keer was het thema: voetsporen in de woestijn, een introductie in het werken en denken van de Franse schrijver en luchtvaartpionier Antoine de St. Exupéry. Hij is de schrijver van het door velen gelezen boek 'De kleine prins' en leefde in Frankrijk in de eerste helft van de vorige eeuw en is tijdens een verkenningsvlucht in juli 1944 omgekomen. Een bijzonder man omdat hij moderne techniek wist te combineren met een diepzinnige en dichterlijke manier van denken.
In zijn 'posthume werk' dat hij de werktitel Citadelle heeft meegegeven, vertelt de Franse schrijver en vliegenier Antoine de Saint-Exupéry een verhaal van een heer die twee tuinlieden had. Deze twee tuinlieden waren boezemvrienden van elkaar en deelden hun kennis en vaardigheden. Om elkaar te begrijpen hadden ze aan een half woord genoeg. Na hun werk liepen ze rond en bekeken de bloemen, de tuinen, de hemel en de bomen, zonder zelfs maar een woord te spreken. De een hoefde maar het hoofd te schudden of met een vinger te wijzen en de ander deed evenzo. Ze genoten samen intens van de tuinen.
Rozenstruiken
Op een dag neemt een koopman een van beiden in dienst en voegt hem voor enkele weken toe aan zijn karavaan. Door noodlottige omstandigheden komt deze tuinman aan de andere kant van de wereld terecht en zijn ze voor jaren van elkaar gescheiden. Na enkele jaren ontvangt de tuinman die bij zijn heer is gebleven een brief van de tuinman die op drift is geraakt. Om in zijn geluk te delen vraagt de tuinman de heer de brief te lezen. Tot grote verbazing van de heer leest hij slechts een korte mededeling waar hij een uitgebreid verslag van wederwaardigheden had verwacht: 'Vanmorgen heb ik mijn rozenstruiken gesnoeid....'. De heer is door deze eenvoudige mededeling diep getroffen.
Briefwisseling
Een paar jaar later gaat er een gezantschap van de heer naar het verre land waar de ene tuinman terecht is gekomen. De heer stelt zijn thuis gebleven tuinman voor een brief te schrijven als antwoord op de brief die hij van zijn verre vriend gekregen heeft. De tuinman vindt dit een goed idee en zet zich aan het schrijven. Na dagen van zwoegen komt de tuinman bij zijn heer met zijn brief die klaar is. De heer vouwt de brief open en leest het antwoord van de tuinman. Er staan slechts enkele woorden die samen niet meer dan een eenvoudige mededeling vormen: 'Vanmorgen heb ik ook mijn rozenstruiken gesnoeid...'Als hij over zijn verbazing heen is, ontdekt de heer het wezenlijke in deze merkwaardige briefwisseling. En hij concludeert dat zijn tuinlieden, zonder het te weten, boven de rozenstruiken uit of misschien wel door hun gedreven werk aan de rozenstruiken heen, zich met Hem (God) verbonden hebben.
Nagelaten werk
Dit verhaal is afkomstig uit “Citadelle”, een verzameling teksten van St. Ex, zoals hij ook wel wordt aangeduid. “Citadelle” is in 1948 uitgekomen, vier jaar na de dood van de schrijver en waaraan hij sinds 1937 gewerkt had. Dit werk is voor zover ik weet niet in het Nederlands vertaald. Een selectie uit dit werk is opgenomen in het werkboek dat ik en mijn medecursisten in de studieweek Mystiek gebruikten. Cursusleider Hein Blommestijn heeft de 'meditaties' zoals hij deze fragmenten aanduidde, zelf vertaald. Soms sprak hij ook over een roman, wat al aangeeft dat we hier met een ondefinieerbare neerslag van literaire activiteit te maken hebben.
Ingenieurs
Ik herkende in deze beschrijving de manier waarop ingenieurs met hun werk omgaan. Zij hebben eenzelfde manier om naar de dingen te kijken. Voor buitenstaanders duurt het even voor je doorhebt hoe ingenieurs over hun werk met elkaar communiceren. Maar als je hen goed observeert en volgt in de manier waarop ze over hun werk spreken ontdek je al gauw dat achter die feitelijkheid en afstandelijk een gloedvolle betrokkenheid schuilgaat. Deze kan mij net zo verbazen als de heer van de tuin in het verhaal van de St. Exupéry.
Hans van Drongelen